Iedere werkgever wijst ten minste één preventiemedewerker aan. Bij maximaal 25 werknemers mag de werkgever de taak zelf uitvoeren als deskundigheid en uitrusting toereikend zijn.
Begin bij risico's, niet bij een beschikbare naam
De benodigde deskundigheid volgt uit de aard van het werk, de risico's, locaties en omvang van de organisatie. Gebruik de RI&E en het plan van aanpak om te bepalen welke kennis nodig is, hoeveel tijd de uitvoering vraagt en waar onafhankelijke toegang tot werkvloer en informatie nodig is.
Bij maximaal 25 werknemers mag de werkgever de preventietaken zelf uitvoeren wanneer hij voldoende deskundig, ervaren en toegerust is. Dat is geen automatische vrijstelling. Leg ook dan vast hoe de taken worden uitgevoerd en hoe werknemers of medezeggenschap worden betrokken.
Leg de wettelijke taken concreet vast
Artikel 13 van de Arbeidsomstandighedenwet noemt drie kerntaken: meewerken aan het opstellen en uitvoeren van de RI&E, adviseren en samenwerken met OR of PVT en arbodeskundigen, en meewerken aan de uitvoering van arbomaatregelen. Vertaal die taken naar concrete activiteiten, producten en overlegmomenten.
Benoem bijvoorbeeld wie incidenttrends beoordeelt, het plan van aanpak volgt, werkplekken bezoekt, medewerkers consulteert en contact houdt met bedrijfsarts of arbodienst. Leg ook vervanging en escalatie vast wanneer een advies niet wordt opgevolgd.
Reserveer tijd, positie en ontwikkeling
Een preventiemedewerker moet voldoende tijd en mogelijkheden hebben om de taak zelfstandig uit te voeren. Reserveer uren in werk- en formatieplanning, geef toegang tot relevante geaggregeerde informatie en maak scholing mogelijk. Voorkom dat productie- of managementdoelen de rol feitelijk uitschakelen.
Evalueer jaarlijks of de capaciteit nog past bij nieuwe locaties, processen, incidenten of een aangepaste RI&E. Leg uit welke adviezen zijn gegeven en welke maatregelen zijn uitgevoerd, zonder vertrouwelijke of medische informatie breder te delen dan nodig.
Regel medezeggenschap vóór de benoeming
De OR heeft instemmingsrecht over de keuze van de persoon en diens positionering. Waar een PVT de toepasselijke medezeggenschapsrol heeft, moet die route zorgvuldig worden vastgesteld. Is er geen OR of PVT, verzin dan geen fictieve instemming; controleer welke werknemersvertegenwoordiging en informatieplicht in de organisatie gelden.
Geef de medezeggenschap voldoende informatie over profiel, uren, onafhankelijkheid, toegang, samenwerking en vervanging. Behandel de benoeming niet als een los personeelsbesluit maar als onderdeel van de inrichting van het arbobeleid.
Toets of de rol aantoonbaar werkt
Controleer minimaal jaarlijks de voortgang van RI&E en plan van aanpak, uitgebrachte adviezen, uitgevoerde maatregelen, bereikbaarheid voor werknemers en samenwerking met arbodienst. Gebruik die evaluatie om capaciteit of positionering bij te stellen.
Een preventiemedewerker neemt de verantwoordelijkheid van de werkgever niet over en vervangt geen gecertificeerde deskundige waar deskundige toetsing verplicht is. De rol helpt de werkgever risico's dichtbij het werk te herkennen en maatregelen daadwerkelijk uit te voeren.
Bronnen
Gebruikte bronnen
De links verwijzen naar de geraadpleegde bron. Controleer bij toepassing altijd of wet, regeling, registerinformatie of beleidsdocument inmiddels is gewijzigd.